thumb image

“Participatie van medewerkers en bewoners is cruciaal”

Onlangs werd het nieuwe woonzorgcentrum Mariatroon in Dendermonde geopend na een gefaseerde vervangingsnieuwbouw. Directeur Johan Vermoesen licht toe hoe hijzelf, zijn equipe en de bewoners het hele proces en het eindresultaat hebben ervaren.

Een nieuw gebouw voor 104 bedden brengt heel wat vragen en beslissingen met zich mee. Hoe is dat proces, van ontwerp tot ingebruikname, verlopen?

Johan Vermoesen: “Wat het ontwerp betreft, hebben we – voor wat de grote lijnen betreft – in eerste instantie de creatieve vrijheid gelaten aan VK. Vervolgens zijn we met de stafmedewerkers en diensthoofden rond de tafel gaan zitten om hun aandachtspunten en wensen te inventariseren. In een daaropvolgende fase, hebben we via algemene personeelsvergaderingen onze voorstellen en het conceptuele voorontwerp voorgelegd, om deze op een zeer kritische wijze te laten interpreteren door al onze medewerkers. Het zijn trouwens de specialisten op de werkvloer die vanuit hun jarenlange ervaringen de beste toetssteen zijn voor de voorstellen. En deze toetsing is door vele medewerkers inderdaad gebeurd – met het vergrootglas over de plannen gebogen. Door alle diensten (onderhoud, zorg, administratie …) werden ideeën aangereikt of voorstellen tot wijziging ingediend. Zowel hun eigen werkomgeving voor wat ergonomie of loopafstanden betreft, als de leefomgeving en het comfort van onze bewoners kwam aan bod. Als directie vonden wij deze inspraak zeer belangrijk. Het wakkerde hun enthousiasme in de nakende nieuwbouw aan en zorgde ook dat het project later breed gedragen zou worden in de organisatie.”

“Deze voorstellen werden gebundeld en teruggekoppeld naar VK, die hiermee aan de slag ging en er in de mate van het mogelijke rekening mee hield. Eens de architectuurplannen definitieve vorm kregen, volgde een nieuwe presentatie voor de medewerkers maar ook voor de bewoners en hun familie. De feedback die we kregen van onze gebruikers, voor wie het gebouw ook een thuis zal worden, is per slot van rekening zeer cruciaal.”

“Tijdens de eigenlijke bouwperiode, die alles samen toch 3 jaar en 7 maand heeft geduurd gelet op drie opeenvolgende bouwfasen, werd eveneens periodiek de stand van zaken geschetst in personeelsvergaderingen en gebruikersraden voor bewoners. Op deze manier was het ook mogelijk om bekommernissen van medewerkers en bewoners op een gestructureerde manier te verzamelen en hen voldoende te informeren. Bij de uitvoering van de bouwwerken heb ik, op een paar uitzonderingen na, elke werfvergadering bijgewoond om in het technisch overleg zo kort mogelijk op de bal te spelen. Wachten was voor niemand een optie. Alles moest snel op elkaar kunnen volgen.”

“Door de vele communicatiemomenten met alle betrokkenen tijdens het ganse proces enerzijds, en het enthousiasme van onze medewerkers anderzijds, hebben we geen beroep gedaan op professionele verhuizers of andere hulp om de nieuwe vleugels in gebruik te nemen. Een eerste verhuis vond plaats op 6 mei 2013 en de tweede oversteek op 27 oktober 2014. Dit huzarenstuk verliep beide keren rimpelloos, dankzij de inzet van onze eigen medewerkers, vrijwilligers en families van onze bewoners. Achteraf bekeken was dit nog de makkelijkste fase van het ganse verhaal.”

“Doordat de medewerkers vooraf van heel dichtbij betrokken waren bij het project, voelden zij zich snel thuis in de nieuwbouw en hadden zij al het een en ander in gedachten om zich goed te organiseren in hun nieuwe omgeving. Zowel tijdens de ruwbouw als afwerkingsfase werd een rondleiding georganiseerd voor de medewerkers die een nieuwsgierige blik wensten te werpen op het project.”

Hoe zal het nieuwe gebouw bijdragen aan de (dagelijkse) werking van uw zorginstelling?

Johan Vermoesen: “Het oude gebouw bestond uit zeer ruime kamers maar beschikte niet over aangepaste functionele ruimtes, verpleegposten, overlegruimte, opbergruimte, aangepaste badkamers voor zwaar zorgbehoevende ouderen … Het gebouw was vele jaren terug ontworpen voor valide bejaarden en dus totaal onaangepast aan de huidige zorgnoden. Het nieuwe gebouw beschikt over alle mogelijkheden om ouderen met een zwaar zorgprofiel op een behoorlijke manier te verzorgen en te verplegen. Er is aan alles gedacht. Niet alle wensen konden worden gerealiseerd, maar de noodzakelijke elementen zijn opgenomen in het project.”

“Zowel door stedenbouwkundige als budgettaire beperkingen werd de tering naar de nering gezet. Het nieuwbouwcomplex is geen luxepaleis met veel franjes. Het is in de eerste plaats een bijzonder functioneel gebouw waar we veel mogelijkheden hebben om zeer kwaliteitsvolle diensten en zorgen aan te bieden. Dit is tenslotte onze core business. Het is aardig meegenomen dat het overigens sobere gebouw zeer luchtig en ruim oogt, ontdaan van alle tierlantijntjes, die het soms ook te druk kunnen maken voor de bewoners. Less is more is hier zeker van toepassing. Terugkeren naar de essentie van de dingen.”

“Wij ondervinden dat het gebouw zowel bij de medewerkers van Mariatroon als haar bewoners, maar ook bij de toevallige bezoeker, een zekere rust brengt. Dit heeft ongetwijfeld ook te maken met het feit dat de nieuwbouw niet omgeven wordt door drukke straten met haastige pendelaars of toeterende automobilisten, ondanks de ligging vlakbij het winkelcentrum van de stad Dendermonde. Het is omgeven door een eigen groene tuingordel, afgeschermd in een binnengebied met een gecontroleerde in- en uitrit.”

Hoe reageren de bewoners op hun nieuwe omgeving?

Johan Vermoesen: “Als zorgverleners en natuurminnaars weten we dat oude bomen best niet (teveel) verplant worden. Toch hebben we ervaren dat bijna alle bewoners de overstap van oud naar nieuw zeer vlot verteerd hebben. Veel bewoners waren in het voormalige gebouw gewoon geraakt aan hun ruime kamers van 27 m2. Voor hen hoefde de verhuis niet echt, lieten zij ons ietwat ongerust weten toen we hen voor het eerst informeerden over onze nieuwbouwplannen. Sommigen vreesden in veel kleinere kamers terecht te komen, zoals zij elders hadden gezien. Wij hebben voor de nieuwbouw echter van in het begin voor dezelfde grote kamers gekozen. Dit heeft vele residenten gunstig gestemd, waardoor ze met meer vertrouwen de nakende verhuis tegemoet zagen.”

“Hier komt bij dat voor hen ook veel meer faciliteiten aanwezig zijn in tegenstelling tot vroeger. Per 12 woongelegenheden zijn de kamers gegroepeerd rond een centrale leefruimte, de living als het ware, waar de bewoners elkaar kunnen ontmoeten. Bewoners komen er samen om de maaltijd te nuttigen, naar tv te kijken of zo maar een babbel te slaan met hun buren. Deze leefruimtes zijn zeer luchtige ruimtes die baden in het licht, doordat de structuur als een kubus uit het gebouw springt. Het verhoogt ook de mogelijkheid om ongehinderd naar buiten te kijken en te genieten van de omgeving, de tuin, de passerende bezoekers …”